Pensioen komt bij 75 procent van de scheidingen niet ter sprake

Nederlanders hebben al weinig aandacht voor pensioen, bij scheiding is het wel het laatste waar men aan denkt. Dit terwijl het op dat moment zaak is de verdeling van het pensioen goed te regelen. Vooral vrouwen die zelf weinig of geen pensioen hebben opgebouwd, komen er nogal eens bekaaid vanaf.

"Uit onderzoek blijkt dat driekwart van de mensen bij een scheiding niet geïnformeerd werd over de verdeling van het pensioenvermogen. Te bizar voor woorden”, vindt Henriëtte de Lange, woordvoerster van Stichting Pensioenkijker.nl. Je woont tien jaar samen, gaat vervolgens trouwen, maar na twee jaar kom je erachter dat je toch niet samen verder wilt. Volgens de wettelijke verdeling moet je dan het pensioen delen dat in de laatste twee jaar is opgebouwd. „Zou het bij scheiding niet rechtvaardig zijn om te laten bepalen dat je die volle twaalf jaar pensioen deelt?” oppert De Lange. „Dat valt te regelen in het echtscheidingsconvenant. Bij scheiding is er nog veel mogelijk, achteraf wordt het moeilijker. Je kunt dan niets meer afdwingen.” De Lange zou graag zien dat meer mensen op de hoogte raken van de mogelijkheden iets te regelen. Maar ook kennis over de standaardverdeling van pensioen is belangrijk. Advocaten, in principe altijd betrokken bij een scheiding, zouden daarover goed moeten informeren, meent de pensioenexpert. Uit het onderzoek dat Pensioenkijker.nl liet uitvoeren naar bijna 500 scheidingen blijkt echter dat driekwart helemaal niets hoort. Van het wel ingelichte kwart kreeg 80% de informatie van de advocaat. Verdeling De standaardverdeling van pensioen wordt geregeld door de wet pensioenverevening. De ex heeft recht op de helft van het pensioen dat tijdens het huwelijk is opgebouwd. Dat geldt zowel voor een gewone echtscheiding als voor de scheiding van tafel en bed, en zowel voor huwelijkspartners als geregistreerde partners. Niet alleen het pensioen van de meest verdienende partner moet worden verdeeld, ook het pensioen van de minder verdienende partner. Van de standaardverdeling kan afgeweken worden, niet alleen middels een echtscheidingsconvenant, maar ook vooraf in de huwelijkse voorwaarden. Ook het tijdstip waarop de scheiding is uitgesproken is van belang. Zie ’Datum scheiding’. Ouderdomspensioen en partnerpensioen Van belang is verder dat er twee smaken pensioen te verdelen zijn: het ouderdomspensioen en het nogal eens vergeten partnerpensioen (nabestaandenpensioen). Bij het ouderdomspensioen krijgt de ex zijn/haar deel van het pensioen vanaf de datum dat de ander met pensioen gaat. Wanneer de scheiding binnen twee jaar was gemeld aan de pensioenuitvoerder, betaalt de pensioenuitvoerder het deel van de ex-partner rechtstreeks uit. Voor die melding bestaat het formulier ’Mededeling van scheiding in verband met de verdeling van ouderdomspensioen’. Het formulier is bij de meeste advocaten, notarissen en pensioenuitvoerders te krijgen of te downloaden via de site van Postbus 51. Ook zonder die melding blijft het recht op uitbetaling bestaan, maar dan moet het geld wel bij de ex zelf worden opgeëist. In veel gevallen zal dat geen prettige procedure zijn. Het ouderdomspensioen gaat in bij de pensionering van de partner die het heeft opgebouwd. Het wordt uitbetaald tot diens overlijden. Komt de andere partner echter te overlijden, krijgt diegene die het pensioen had opgebouwd weer het volledige ouderdomspensioen. Komt de opbouwende partner eerder te overlijden dan krijgt de achterblijvende ex mogelijk nog wel partnerpensioen. Was dat pensioen echter op risicobasis verzekerd, dan gaat die vlieger niet op. De Lange: „Als je als werknemer van baan verandert, gaat door dit partnerpensioen al een streep. Datzelfde gebeurt bij scheiding. In de praktijk zien we dit vaak verkeerd uitpakken, omdat de ex ten onrechte denkt dat er een partnerpensioen is. De helft van de pensioenregelingen kent echter een partnerpensioen op risicobasis.” De ex kan wel aanspraak maken op partnerpensioen waarvoor vermogen is opgebouwd. In de wet is geregeld dat de ex-partner dan recht heeft op een bijzonder partnerpensioen. Het bijzonder partnerpensioen is het partnerpensioen dat tot de datum van scheiding is opgebouwd. Bij overlijden van de ex-partner wordt dit levenslang uitgekeerd. Nieuwe partners hebben recht op hun deel van het partnerpensioen. Dat geldt niet alleen voor geregistreerde partners, maar kan ook gelden voor niet-geregistreerde partners. Doordat de ex recht heeft op een deel van het partnerpensioen, moeten nieuwe partners wel een stuk partnerpensioen missen. Mogelijk hebben zij daardoor bij overlijden van de partner te weinig inkomen, wat wellicht met een andere overlijdensrisicoverzekering te dekken is. Datum scheiding Cruciaal is de vraag wanneer de scheiding plaats heeft gehad. De wettelijke verdeling van het ouderdomspensioen geldt alleen voor gevallen na 1 mei 1995. Voor die tijd heeft de ex slechts beperkte rechten. Bij een scheiding van vóór november 1981 wordt het ouderdomspensioen helemaal niet verdeeld. Als u tussen november 1981 en 1 mei 1995 bent gescheiden, wordt het ouderdomspensioen niet verdeeld indien in de huwelijkse voorwaarden een ’koude uitsluiting’ is opgenomen. In andere gevallen worden doorgaans de waarde van het ouderdomspensioen en die van het partnerpensioen verdeeld. De verdeling van het partnerpensioen geldt ook voor scheidingen van voor mei 1995, zelfs van voor 1981. Een gespecialiseerde advocaat kan de complexe zaken behandelen (de Vereniging van Familierecht Advocaten en Scheidingsbemiddelaars (VFAS), www.vfas.nl.)